Vandaag mocht ik aan den lijve ondervinden dat respect voor elkaar in het verkeer soms zoek is.22:36 9/06/2005

Vandaag mocht ik aan den lijve ondervinden dat respect voor elkaar in het verkeer soms zoek is.

Ik kwam terug van Brussel met de trein en aan het station van Gent Sint-Pieters bleek dat ik niet kon vertrekken met mijn auto omdat iemand zijn mooie zwarte BMW op straat achter mijn auto had geparkeerd (mijn auto stond met de neus naar het trottoir geparkeerd), zodat ik mijn auto niet achteruit kon rijden om dan vervolgens weg te rijden.

Ik toeterde enkele keren. Niemand kwam opdagen. Ik ging in een grote drank- en likeurhandel kijken of de chauffeur daar misschien zat. Niemand. Ik had geen zin om alle winkels in de buurt af te lopen. Ik begon zelfs een beetje kwaad te worden, want ik moest mijn dochtertje nog ophalen. Ik begrijp volkomen dat iemand eventjes rap ergens binnen wil springen en hiervoor zijn auto even fout geparkeerd achterlaat, maar te lang is niet meer leuk. 10 minuten tikken voorbij en nog altijd was nog niemand te bespeuren. Als dove is de politie bellen niet direct een optie.

Wat te doen? Ha, eens kijken of in het station de politie op post is. Rap terug naar het station, onderwijl omkijkend of die man/vrouw het mij zou lappen om nu weg te rijden. De politieagent die ik aanspreek op het station is behulpzaam en hij roept direct collega’s op om samen te gaan kijken naar de auto. Terwijl we wachten op zijn collega's vraagt hij of ik van de N-VA ben. Ja, meneer!

Met 3 agenten in mijn kielzog terug naar de auto. Iemand die bij de deur staat van een bakkerszaak steekt als grap zijn handen omhoog als we passeren. Ik knik en glimlach dat hij niets te vrezen heeft. Warempel, de auto staat er nog! De agenten gaan overal kijken en hopla, daar vinden ze de “schuldige” in een zaak van mobiele telefoons. Hij komt direct buiten en verontschuldigt zich direct. Ja ja, zeg ik, geen probleem, maar 20 minuten is toch wel overdreven. 5 minuten kan nog door de beugel, maar 20 minuten? Enfin. Ik ben blij dat ik nu eindelijk weg kan. Ik bedank de agenten heel hartelijk. (Ik maak me nu de bedenking dat ze misschien ook wel blij zijn dat ze dit zonder papierwerk en rompslomp hebben kunnen oplossen.)

Misschien kunnen de ministers van mobiliteit eens een campagne beginnen met als titel: “een heer in het verkeer”. Want ontelbaar zijn de keren die ik heb meegemaakt dat men een middelvinger naar mij opstak in het verkeer… En die kwamen vooral van (jonge) mannen, hoewel vrouwen zich ook soms hieraan schuldig durven te maken. En ook op de trein heb ik al eens last gehad: ik kreeg 2 jaar terug een flesje water over mij heen toen een jongedame het niet kon hebben dat ik een zitplaats tegenover haar in beslag nam. Gelukkig voor haar was het maar water, want anders had ze een schadevergoeding aan haar broek. De politie heb ik er toen ook bijgehaald want haar houding was toen echt grof en onbeleefd en dat kon ik niet zo laten.

Regels zijn er om nageleefd te worden en als iedereen de regels van elementaire beleefdheid in acht zou nemen, is het prettiger samenleven voor iedereen. Is dat nu zo veel gevraagd?